Blog

Perspectief op een nieuwe toekomst begint met het erkennen van de pijn die hoort bij het afscheid nemen van het verleden.

Honderd kilometer wandelen door Drenthe en je ziet ze overal: omgedraaide Nederlandse vlaggen. Achter de stikstofdiscussie zit een verhaal dat we nauwelijks vertellen. Over opa en oma, familie, tradities en een manier van leven die onder druk staat. Kun je een transitie doormaken zonder ook aandacht te hebben voor wat mensen moeten achterlaten?

Perspectief op een nieuwe toekomst begint met het erkennen van de pijn die hoort bij het afscheid nemen van het verleden.

Zo’n 100 kilometer wandelde ik door Drenthe in augustus. Bos, hei en wei. En vlaggen. Honderden omgedraaide Nederlandse vlaggen. En spandoeken met – vrije interpretatie – ‘de volgende kilometer moeten wij plaatsmaken voor de natuur. En dat raakt ons allemaal’.

 

Dat laatste klopt natuurlijk. Mocht het ooit lukken om in Nederland die landbouwtransitie te maken, dan raakt ons dat allemaal. Niet alleen economisch, maar ook sociaal en cultureel. Het is een verandering van verhaal. Na de Tweede Wereldoorlog hebben we in Nederland het narratief ‘nooit meer honger’ ontwikkeld, omarmd en nageleefd. De hongerwinter had diepe sporen nagelaten en werd brandstof om een van de efficiëntste voedselproducties ter wereld te ontwikkelen. Een economische en maatschappelijke prestatie van formaat. Maar zonder het te weten zaaiden we met de oplossingen van toen de problemen van nu. En dus is het tijd voor een ander verhaal. Maar dat verhaal ontbreekt.

 

Want het gaat nu vooral over stikstof en over wat er weg moet en anders moet. Natuurlijk raakt je dat als ondernemer. Maar het raakt veel meer. Want het boerenleven is een manier van leven. De identiteit van vele, vele inwoners van de provincies is aan die kapstok opgehangen. Elkaar helpen in het verlaten buitengebied, materialen uitwisselen en een oogje voor elkaar in het zeil houden. Maar ook crossen, feesten, keten op het platteland, trekkertochten, boerenrockmuziek enzovoort, enzovoort.

 

Dat is natuurlijk waar ook veel pijn zit. Het stikstofprobleem afdoen als ‘saneren van een deel van de agrarische sector’ is een veel te enge benadering. Een benadering waarin complete gemeenschappen zich niet gezien voelen. Want hun tradities, symbolen en verhalen hangen allemaal samen met dat boerenleven zoals we dat nu zo’n zeventig jaar kennen in Nederland. Mensen hebben oprecht het gevoel dat hun identiteit er niet meer mag zijn. En dat kan naast het andere verhaal bestaan. Het kan tegelijk waar zijn dat de landbouw moet veranderen én dat mensen oprecht pijn hebben van die verandering. Het ene maakt het andere niet minder waar.

 

Ja, het is een ecologisch probleem en de oplossingen doen economisch pijn. Maar vraag het de mensen en dan zit veel pijn in: ‘ik kan en wil niet afbreken wat opa en oma hebben opgebouwd’. Het gaat over familie, over vriendschap, over overlevering. Over een manier van leven met alles wat daarbij hoort. Voor die onderstroom is in onze Mckinseysamenleving nauwelijks aandacht. Dat is de laag waaraan we moeilijk aandacht kunnen geven. Dus blijven we het alleen over de bovenstroom hebben. Over mol, Natura 2000-gebieden, rekenmodellen en uitkoopsommen. Cijfertaal die mensen raakt in hun portemonnee, maar misschien nog veel meer in hun hart. En juist daarom is dit niet alleen een landbouwtransitie. Het is ook een culturele transitie. We nemen afscheid van een manier van werken, maar daarmee ook van een manier van leven. En als we daar geen oog voor hebben, blijven we proberen een systeem te veranderen zonder het verhaal te veranderen waarin mensen zichzelf herkennen.

 

Als er aandacht komt voor die verhalen, is dat misschien het begin van een nieuw groter verhaal voor de Nederlandse land- en tuinbouw. Een verhaal met oog voor de ecologische grenzen die er voor ons eigen bestwil zijn. Maar ook een verhaal met oog voor wat leven op het platteland betekent en wat er verdwijnt met deze transitie. Want een transitie die alleen het systeem verandert, maar niet het verhaal waarin mensen zichzelf herkennen, zal altijd pijn doen. Perspectief op een nieuwe toekomst begint daarom misschien wel met het erkennen van de pijn die hoort bij het afscheid nemen van het verleden.